Werk-in.nl vindt recente vacatures uit heel Nederland. Werk-in.nl heeft geen 50.000 oude vacatures maar zorgt ervoor dat je snel en makkelijk interessante recente vacatures vindt. Dagelijks voeren wij nieuwe vacatures in, dus kom regelmatig kijken!
- Snelzoeken
- Uitgebreid
- Provincies
Opmerkelijke websites voor u op een rijtje!
Zoek een baan in een andere stad!
- Alkmaar
- Almelo
- Almere
- Alphen a/d Rijn
- Amersfoort
- Amsterdam
- Apeldoorn
- Arnhem
- Assen
- Breda
- Den Bosch
- Den Haag
- Den Helder
- Deventer
- Dordrecht
- Ede
- Eindhoven
- Emmen
- Enschede
- Gouda
- Groningen
- Haarlem
- Heerlen
- Helmond
- Hengelo
- Hilversum
- Hoofddorp
- Hoorn
- Landelijk
- Leeuwarden
- Leiden
- Lelystad
- Maastricht
- Nijmegen
- Oss
- Roosendaal
- Rotterdam
- Schiphol
- Tilburg
- Utrecht
- Veenendaal
- Venlo
- Webregion
- Zaandam
- Zeeland (rest)
- Zwolle
Pensioenen
Een pensioenregeling die de werkgever aan zijn werknemers toezegt, maakt deel uit van de arbeidsvoorwaarden. Vaak worden pensioenregelingen in een (collectieve) arbeidsovereenkomst neergelegd, die qua inhoud per bedrijfstak of branche kunnen verschillen. Zodoende zijn er pensioenregelingen in allerlei soorten en maten.
- Is een pensioenregeling verplicht?
- Waar moet u als werknemer op letten?
- Wat zijn de belangrijkste vormen van pensioenopbouw?
- Hoe ontstaat een pensioengat?
- Wat zijn de regels voor pensioenoverdracht?
- Welke soorten pensioenfondsen zijn er?
- Wat regelt de Pensioen- en spaarfondsenwet?
- De nieuwe Pensioenwet
Is een pensioenregeling verplicht?
Uw werkgever is wettelijk niet verplicht om u een pensioenregeling aan te bieden. U kunt er dus niet zonder meer van uitgaan dat u via uw werk aanvullend pensioen opbouwt. Of dat gebeurt, kunt u het beste navragen bij uw werkgever.Maakt het bedrijf waar u werkt deel uit van een bedrijfstak waarvoor een verplichte bedrijfstakpensioenregeling geldt, dan moet uw werkgever u uiteraard wel een pensioenregeling aanbieden.
Waar moet u als werknemer op letten?
Aanvullende pensioenregelingen verschillen onderling sterk van elkaar. Dat geldt zowel voor de hoogte van de maandelijkse pensioenpremie als voor de uitkeringsvoorwaarden.Houdt u er rekening mee dat bepaalde veranderingen in uw leven, effect kunnen hebben op uw pensioen. Dat geldt zeker voor:
- een nieuwe of andere baan
- een verandering in uw relatie
- een langdurig verblijf in het buitenland
- arbeidsongeschiktheid of ontslag
- verhuizen of emigreren
- met pensioen gaan of zijn
- het overlijden van uw partner
Hebt u daarna nog vragen, dan kunt u het beste contact opnemen met uw eigen pensioenfonds.
Wat zijn de belangrijkste vormen van pensioenopbouw?
Pensioenregelingen kennen verschillende vormen van pensioenopbouw. De belangrijkste zijn:Op basis van middelloon: de uiteindelijke pensioenuitkering is gebaseerd op de jaarlijkse pensioenbijdragen bij elkaar opgeteld. De hoogte van de jaarlijkse bijdrage is afhankelijk van de hoogte van uw salaris. Op deze manier is uw pensioen gebaseerd op het gemiddelde van uw salaris. In de meeste gevallen is uw pensioen (AOW en aanvullend pensioen samen) dan 70 à 80 % van dit loongemiddelde.
Op basis van eindloon: uw pensioen is samen met uw AOW globaal genomen 70% van uw laatstverdiende salaris.
Combinatie eindloon en middelloon: hierbij gaat uw pensioen, als u een bepaalde leeftijd bereikt, over van een eindloonregeling in een middelloonregeling.
Andere vormen van pensioenopbouw zijn opbouw op basis van de beschikbare premie en opbouw op basis van vaste bedragen.
Let op: vakbonden en werkgeversorganisaties kunnen gezamenlijk besluiten een pensioenregeling te veranderen. Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat een eindloonregeling wordt vervangen door een middelloonregeling.
Hoe ontstaat een pensioengat?
Een pensioengat kan op verschillende manieren ontstaan. Omdat u bijvoorbeeld een baan hebt gehad zonder pensioenregeling of als u een tijdje niet hebt gewerkt. U komt dan niet aan 40 jaar pensioenopbouw.Voor het opbouwen van een maximaal aanvullend pensioen wordt doorgaans een termijn gehanteerd van 40 jaar.
Wat zijn de regels voor pensioenoverdracht?
Als u van baan verandert, hebt u zes maanden de tijd om te beslissen of u uw pensioenaanspraken over wilt dragen naar de pensioenregeling van uw nieuwe werkgever. De pensioenuitvoerder van uw vorige werkgever heeft één week de tijd om de waarde daadwerkelijk over te dragen naar de nieuwe pensioenuitvoerder.Welke soorten pensioenfondsen zijn er?
BedrijfstakpensioenfondsEen pensioenregeling wordt door een bedrijfstakpensioenfonds uitgevoerd als die regeling voor meer werkgevers werkzaam in dezelfde bedrijfstak is afgesproken.
De meeste bedrijfstakpensioenfondsen zijn bij de Vereniging van bedrijfstakpensioenfondsen aangesloten.
Ondernemingspensioenfonds
Een onderneming die niet onder een bedrijfstakpensioenfonds valt, kan besluiten zelf een pensioenfonds op te richten. Voorbeelden daarvan zijn Shell, Akzo en KLM. Maar er zijn ook kleine ondernemingen met een eigen pensioenfonds. Hoewel een ondernemingspensioenfonds een zeer nauwe band heeft met een bedrijf, staat een dergelijk fonds juridisch gezien los van dat bedrijf en is bijvoorbeeld niet aansprakelijk voor schulden van de onderneming. In het bestuur van een ondernemingspensioenfonds moeten ten minste evenveel vertegenwoordigers van de werknemers als van de werkgever zitten. De Stichting voor Ondernemingspensioenfondsen is de belangenorganisatie van deze fondsen.
Beroepspensioenfonds
Een beroepspensioenfonds voert een pensioenregeling uit die is gebaseerd op een overeenkomst tussen de zelfstandige beroepsbeoefenaren binnen een bepaalde beroepsgroep. De overheid kan een gehele beroepsgroep verplichten aan een beroepspensioenregeling mee te doen. Die verplichting wordt opgelegd als een of meer organisaties die een representatieve meerderheid vertegenwoordigen van de beroepsbeoefenaren daarom vraagt. De overkoepelende organisatie is de Unie van Beroepspensioenfondsen.
Verzekeringsmaatschappijen
Uw werkgever kan de pensioenregeling voor u en uw collega's onderbrengen bij een verzekeringsmaatschappij. Uw werkgever kan u ook in staat stellen een individuele pensioenovereenkomst (de zogenoemde C-polis) af te sluiten bij een verzekeraar. Het Verbond van Verzekeraars is de overkoepelende organisatie van verzekeringsmaatschappijen.
Wat regelt de Pensioen- en spaarfondsenwet?
Met de Pensioen- en Spaarfondsenwet (PSW) bouwt de overheid waarborgen in voor goed beheer van het pensioengeld en dat het later ook daadwerkelijk wordt uitgekeerd. Ook zijn in deze wet voorwaarden opgenomen waar een pensioenregeling aan moet voldoen.Belangrijke elementen in de PSW:
- pensioenpremies die u en uw collega's betalen, moeten buiten het bedrijf van uw werkgever in een fonds of bij een verzekeraar worden ondergebracht;
- u kunt (in principe) niet uw pensioenrechten afkopen;
- medische keuringen voor aanvullende pensioenen zijn verboden;
- pensioenuitvoerders zijn verplicht om deelnemers aan een pensioenregeling jaarlijks te informeren over de stand van zaken rond hun pensioenaanspraken en over eventuele wijzigingen in de pensioenregeling.
Naast wetgeving is de overheid verantwoordelijk voor:
- de AOW;
- het verplicht stellen van de bedrijfstakpensioenfondsen.
De nieuwe Pensioenwet
Werknemers en gepensioneerden krijgen meer zekerheid over de (toekomstige) uitbetaling van hun pensioen. Daarvoor worden er eisen gesteld aan de omvang van het eigen vermogen van de pensioenfondsen. Ook mogen bedrijfspensioenregelingen geen toetredingsleeftijd hanteren van hoger dan 21 jaar. Dit is de kern van het wetsvoorstel voor de Pensioenwet die de huidige Pensioen- en spaarfondsenwet zal vervangen. Het kabinet streeft ernaar de nieuwe wet uiterlijk per 1 januari 2007 in te voeren.Wat verandert er?
- Als een bedrijf een pensioenregeling heeft moeten alle werknemers van 21 jaar en ouder daaraan kunnen deelnemen. Er is nu nog geen wettelijke leeftijdsgrens voor deelname aan een pensioenregeling. In veel bestaande regelingen wordt een leeftijdsgrens van bijvoorbeeld 25 jaar gehanteerd;
- Pensioenuitvoerders krijgen het recht kleine pensioenaanspraken af te kopen, twee jaar na beëindiging van het deelnemen aan een pensioenregeling;
- Met het wetsvoorstel wordt de financiële zekerstelling door pensioenfondsen gemoderniseerd en wettelijk vastgelegd. Daardoor kunnen werknemers er met een hoge mate van zekerheid op vertrouwen dat het pensioen ook écht wordt uitgekeerd;
- Verzekeraars en pensioenfondsen zijn verantwoordelijk voor de voorlichting aan de deelnemers aan een pensioenregeling. Dit betekent onder meer dat de deelnemers minstens één keer per jaar moeten worden geïnformeerd over hun opgebouwde aanspraken en over de eventuele aanpassing van hun pensioenen aan de inflatie (indexering);
- Werknemers die tegen een lager loon gaan werken, bijvoorbeeld aan het eind van hun loopbaan (zogeheten demotie) of doordat zij minder uren maken, worden straks niet meer geconfronteerd met aantasting van pensioenaanspraken die ze al hebben opgebouwd. Nu leidt werken voor minder geld met name bij eindloonregelingen nog tot verlaging van aanspraken uit het verleden;
- Voormalige deelnemers aan een pensioenfonds - slapers geheten in de pensioenwereld - worden één keer in de vijf jaar geïnformeerd over hun pensioenaanspraken;
- Voorlichting over vrijwillige aanvullende pensioenregelingen moet voldoen aan de eisen die ook gelden voor voorlichting over andere financiële producten. Daardoor kunnen werknemers aanvullende regelingen onderling vergelijken voordat zij een keuze maken voor een bepaalde regeling;
- Als pensioenfondsen pensioenen niet aanpassen aan de inflatie, met andere woorden pensioenen niet indexeren of hier voorwaarden aan verbinden, moeten zij hun deelnemers en gepensioneerden daarover helder informeren;
- Als er onduidelijkheid is over het indexatiebeleid van een pensioenfonds, gaat de toezichthouder op de pensioenfondsen ervan uit dat de pensioenen onvoorwaardelijk worden aangepast aan de inflatie. Uiteraard moeten pensioenfondsen ook voldoende vermogen hebben om aan de indexatieverplichting te voldoen;
- Het toezicht op het goed uitvoeren van de wettelijke regels is in handen van de Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten (AFM). De AFM let er op of de voorlichting voldoet aan de wettelijke eisen en de bank kijkt vooral naar de financiële situatie van de pensioenfondsen.
(Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid)